There was an error in this gadget

Thursday, December 22, 2011

Slechts helft verzekeraars heeft duurzaam beleggingsbeleid


18/12/2011

Slechts de helft van de Nederlandse verzekeraars heeft een duurzaam beleggingsbeleid en werkt aan verduurzaming van hun beleggingen. De andere helft daarentegen lijkt daar niets aan te doen. Dat blijkt uit onderzoek van de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO).
De VBDO onderzocht dit jaar voor de derde keer het beleggingsbeleid van verzekeringsmaatschappijen die in Nederland actief zijn. De onderzoekers namen in totaal dertig bedrijven onder de loep.
Vorderingen
Ruim de helft van de onderzochte verzekeraars in Nederland neemt concrete stappen richting duurzaam beleggen. Vrijwel allemaal scoren ze op dat terrein bovendien beter dan vorig jaar. Slechts één van de zestien duurzaam beleggende verzekeraars maakte geen vorderingen in de implementatie van het duurzame beleggingsbeleid. Verder wordt duurzaamheid steeds vaker toegepast in verschillende beleggingscategorieën.
De best scorende verzekeraars zijn successievelijk REAAL Verzekeringen, Zwitserleven en ASR Nederland. Achmea krijgt een speciale vermelding in het VBDO-rapport omdat het van de tiende plaats een sprong heeft gemaakt naar de vijfde positie in de ranglijst. Opmerkelijk is bovendien dat grotere maatschappijen aanmerkelijk beter scoren op duurzaamheid van hun beleggingen dan de kleine verzekeraars.
Geen loftrompet
Er wordt vooruitgang geboekt, vindt VBDO-directeur Giuseppe van der Helm. Toch wil hij nog geen loftrompet steken over de sector: "Bij de helft van de onderzochte maatschappijen zien we nog helemaal geen aandacht voor duurzaam beleggen. Zet dat eens af tegen de 90 procent van de pensioenfondsen die een duurzaam beleggingsbeleid hebben. Ernstiger is nog dat deze groep al drie jaar geen enkele vooruitgang laat zie. Dat is anno 2011 echt niet meer te verkopen. Daarbij is het merkwaardig dat internationaal beleid blijkbaar niet in ons land hoeft te worden toegepast."
Ook met de transparantie over duurzaam vermogensbeheer is het nog niet best bij de verzekeraars, vindt Van der Helm: "Dat kan veel beter. Transparantie is bovendien een randvoorwaarde voor duurzaam beleggen. Gelukkig zijn er een aantal verzekeraars die het ook in dit opzicht goed doen, en goed voorbeeld doet goed volgen."
De VBDO deed het onderzoek in samenwerking met onderzoeksbureau Profundo. Duurzaamheidsconsultant Sustainalytics leverde een achtergrondhoofdstuk.

  

Tuesday, December 20, 2011

Rabobank en Cordaid samen voor ‘the missing middle’ in ontwikkelingslanden

Rabobank en Cordaid samen voor ‘the missing middle’ in ontwikkelingslanden Share | 13-10-2011 | Algemeen Met de oprichting van het Rabo Rural Fund BV slaan Cordaid en de Rabobank Foundation de handen ineen om producentenorganisaties in ontwikkelingslanden te voorzien van leningen. Het gaat om organisaties en coöperaties in de landbouwsector die te klein zijn om financiering van commerciële banken te krijgen en te groot zijn om in aanmerking te komen voor een microkrediet. Deze groep is ook wel bekend als ‘the missing middle’. “Deze term spreekt boekdelen. Juist deze groep kan de motor achter economische groei in een regio of een land zijn”, aldus Henri van Eeghen, COO Cordaid. “Daarbij zijn armoedebestrijding en toegang tot financiële en exportmarkten een cruciaal onderdeel”. Met de ondertekening van de aandeelhoudersovereenkomst is 10,5 mln. euro in het fonds gestort. De intentie is door te groeien naar 40 mln. euro. In het fonds komt de gezamenlijke jarenlange ervaring van de Rabobank en Cordaid op het gebied van capaciteitsopbouw van boerenorganisaties samen. Pierre van Hedel van de Rabobank Foundation: “De term Boerenleenbank blijft actueel. Wat de Rabobank meer dan honderd jaar geleden deed, doet ze nu nog steeds. Deze samenwerking met Cordaid sluit daar goed bij aan”. Het Rabo Rural Fund BV richt zich op werkapitaalfinancieringen met een minimum van USD 200.000 tot USD 2 mln. Dit geld kan ingezet worden voor boerencoöperaties die primaire landbouwproducten produceren, zoals koffie, katoen, honing of specerijen, maar ook voor organisaties die zich toeleggen op het verwerken daarvan. Hoewel de andere, kleinere vormen van microfinanciering onmisbaar blijven, biedt de financiering van coöperaties voordelen van brede sociale inbedding en een uiteindelijk hogere levensstandaard van boeren.